Back to overview

Europese talen in contact – Begrippenlijst - 061-090

Begrippenlijst - Studieversie met ca. 30 termen (van 156)

Subject
Language / Dutch
Language of creation
Dutch
30 flashcards No ratings yet 0 views
Add to my sets

Sign in to add this set to your collection. You will return here afterwards.

Cards in this set

Card 1

Question

Postpositie

Answer

Definition: achter-zetsel (in tegenstelling tot prepositie ‘voorzetsel’)

Card 2

Question

Klankwet

Answer

Definition: systematische klankovereenkomsten tussen talen

Card 3

Question

Equivalence constraint

Answer

Definition: bij code-switching: het respecteren van de grammaticaliteitsnormen van beide talen

Card 4

Question

Affix

Answer

Definition: gebonden morfeem (d.w.z. niet los voorkomend). Men onderscheidt prefixen (ver- in verlopen), infixen en suffixen (-ig in ellendig)

Card 5

Question

Mengtaal

Answer

Definition: contacttaal waarbij zowel de grammatica als het lexicon direct ‘in grote brokken’ ongewijzigd overgenomen wordt uit de twee brontalen

Card 6

Question

Comparatief

Answer

Definition: vergrotende of vergelijkende trap

Card 7

Question

Diamesie

Answer

Definition: mediumgebonden taalvariatie (gesproken vs geschreven taal)

Card 8

Question

Diaglossie

Answer

Definition: term gebruikt door P. Auer (2005, 2011), waarmee hij het creëren van tussenvormen tussen de standaardtaal en de dialecten bedoelt (niet te verwarren met de algemeen aanvaarde term diglossie)

Card 9

Question

Fonetiek

Answer

Definition: de studie van de productie, de fysische eigenschappen en de verwerking van de klanken door de hoorder

Card 10

Question

Prosodie

Answer

Definition: studie van het ritme, de klemtoon en de intonatie van de stem bij het uitspreken van een zin of zinsdeel (in tegenstelling tot kleinere elementen als woorden en morfemen). Betreft de gesproken taal

Card 11

Question

Diastratie

Answer

Definition: sociale taalvariatie

Card 12

Question

Plosief

Answer

Definition: zie ook occlusief - (ook explosief/plofklank): een medeklinker die geproduceerd wordt met een volledige obstructie ergens in het spraakkanaal (vb. /p/, /t/, /k/)

Card 13

Question

Medeklinkerverzachting

Answer

Definition: zie ook lenitie - proces waarbij klanken op een minder krachtige manier worden gerealiseerd

Card 14

Question

Aspect

Answer

Definition: wijze waarop het verloop van een handeling wordt gepresenteerd (in een werkwoordsvorm) voltooid vs onvoltooid, duur enz.

Card 15

Question

Data

Answer

Definition: empirische taalgegevens waarop de taalkundige steunt voor zijn beschrijvingen en analyses - primaire data: zelfkennis, corpora en veldwerk - secondaire data: bestaande beschrijvingen

Card 16

Question

Pluralis

Answer

Definition: meervoud

Card 17

Question

Singularis

Answer

Definition: enkelvoud

Card 18

Question

Codificatie

Answer

Definition: vastleggen van normen

Card 19

Question

Diglossie

Answer

Definition: de situatie waarbij een gemeenschap twee talen of taalvariëteiten gebruikt afhankelijk van de communicatieve functie (= functionele specialisatie van de gebruikte talen)

Card 20

Question

Grammaticalisatie (of grammaticalisering)

Answer

Definition: proces waarbij een lexicale constructie in de loop der tijd als zelfstandig grammaticaal of syntactisch element gaat fungeren, en daarbij haar oorspronkelijke betekenis grotendeels verliest.

How to use this set

Read the preview and check whether the content and answers suit your learning goal. You can add the public set to your sets to study it. Your account shows the available actions.

Rejoining the server...

Rejoin failed... trying again in seconds.

Failed to rejoin.
Please retry or reload the page.

The session has been paused by the server.

Failed to resume the session.
Please reload the page.