Back to overview

Europese talen in contact – Begrippenlijst - 121-156

Begrippenlijst - Studieversie met ca. 30 termen (van 156)

Subject
Language / Dutch
Language of creation
Dutch
36 flashcards No ratings yet 0 views
Add to my sets

Sign in to add this set to your collection. You will return here afterwards.

Cards in this set

Card 1

Question

Regiolect

Answer

Definition: tussenvariëteit tussen standaardtaal en dialecten (ook soms tussentaal genoemd)

Card 2

Question

Leenwoord

Answer

Definition: woord ontleend aan een andere taal (in een later stadium van de ontwikkeling)

Card 3

Question

Isoglosse

Answer

Definition: een lijn op een geografische kaart die een taalgebied afgrenst op basis van een gemeenschappelijk linguïstisch kenmerk (meestal fonetisch, maar soms ook lexicaal, morfologisch of syntactisch; vb. grens tussen ‘appel’ en ‘apfel’. Bij uitbreiding wordt de term gebruikt i.v.m. met het linguïstische kenmerk zelf.

Card 4

Question

Plofklank

Answer

Definition: zie ook occlusief - (ook explosief/plofklank): een medeklinker die geproduceerd wordt met een volledige obstructie ergens in het spraakkanaal (vb. /p/, /t/, /k/)

Card 5

Question

Labiodentaal

Answer

Definition: klanken waarbij de onderlip tegen de boventanden wordt geplaatst, zoals /f/

Card 6

Question

Affricaat

Answer

Definition: combinatie van een occlusief en een fricatief met (vrijwel) identieke plaats van articulatie, b.v. /ts, pf/

Card 7

Question

Locatief

Answer

Definition: naamval die de plaats aanduidt

Card 8

Question

Infix

Answer

Definition: tussenvoegsel, subtype van een affix

Card 9

Question

Lexicon

Answer

Definition: woordenschat

Card 10

Question

Causatief

Answer

Definition: werkwoorden of structuren die uitdrukken dat een handeling een andere handeling als gevolg heeft (bv. leggen = doen liggen)

Card 11

Question

Code-switching

Answer

Definition: alterneren van talen binnen een gesprek (ganse zin of één enkel woord)

Card 12

Question

Stamboomtheorie/model

Answer

Definition: overzichtelijke weergave van hoe dochtertalen zich aftakken en verder ontwikkelen

Card 13

Question

Koiné

Answer

Definition: letterlijk ‘gemeenschappelijke taal’, ruim verspreid, meestal gegroeid uit een dialect

Card 14

Question

Erfwoordenschat

Answer

Definition: basiswoordenschat aanwezig in het oudste taalstadium

Card 15

Question

Lenitie

Answer

Definition: proces waarbij klanken op een minder krachtige manier worden gerealiseerd

Card 16

Question

Dualis

Answer

Definition: flexievorm die het aantal ‘twee’ inhoudt

Card 17

Question

Glosse

Answer

Definition: verklaring van een woord

Card 18

Question

Foneem

Answer

Definition: klank die een woordonderscheidende functie heeft

Card 19

Question

Preteritum

Answer

Definition: verleden tijd

Card 20

Question

Incorporerend (of polysynthetisch)

Answer

Definition: morfologisch taaltype, met lange en complexe woorden (mengeling van agglutinatie en flexie). Bv. Eskimo

How to use this set

Read the preview and check whether the content and answers suit your learning goal. You can add the public set to your sets to study it. Your account shows the available actions.

Rejoining the server...

Rejoin failed... trying again in seconds.

Failed to rejoin.
Please retry or reload the page.

The session has been paused by the server.

Failed to resume the session.
Please reload the page.