Definition: term gebruikt door P. Auer (2005, 2011), waarmee hij het creëren van tussenvormen tussen de standaardtaal en de dialecten bedoelt (niet te verwarren met de algemeen aanvaarde term diglossie)
Card 43
Question
Dialect
Answer
Definition: taalvariëteit die door isoglossen van andere taalvariëteiten onderscheiden wordt; wordt zowel voor een geheel van taalvariëteiten als voor de verschillende subvariëteiten gebruikt, b.v. Gents als (sub)dialect van het Oostvlaams, Oostvlaams als dialect van
Card 44
Question
Dialectcontinuum
Answer
Definition: aangrenzende dialecten die min of meer vloeiend in elkaar overlopen, b.v. Westromaans of Continentaal Westgermaans (kwgm) dialectcontinuum
Card 45
Question
Diamesie
Answer
Definition: mediumgebonden taalvariatie (gesproken vs geschreven taal)
Card 46
Question
Diatopie
Answer
Definition: geografische taalvariatie
Card 47
Question
Diastratie
Answer
Definition: sociale taalvariatie
Card 48
Question
Diftong of tweeklank
Answer
Definition: een combinatie van twee klinkers in 1 lettergreep (vb. ei in eik)
Card 49
Question
Diftongering
Answer
Definition: de evolutie van een monoftong naar een tweeklank, vb. Lat. porta → Sp. puerta (tegenovergestelde van monoftongering)
Card 50
Question
Diglossie
Answer
Definition: de situatie waarbij een gemeenschap twee talen of taalvariëteiten gebruikt afhankelijk van de communicatieve functie (= functionele specialisatie van de gebruikte talen)
Card 51
Question
Diminutief
Answer
Definition: verkleinwoord, b.v. kind → kind-je
Card 52
Question
Dissimilatie
Answer
Definition: klankverandering waarbij identieke of nauwverwante klinkers of medeklinkers minder op elkaar lijken, b.v. Nl. lepel vs. dial. leper
Card 53
Question
Dochtertaal
Answer
Definition: taal die uit een oudere taal is ontstaan (de ‘moeder’)
Card 54
Question
Doublet
Answer
Definition: twee verschillende vormen met gemeenschappelijke etymologische oorsprong (erfwoord vs leenwoord). Vaak verschillende betekenissen
Card 55
Question
Dualis
Answer
Definition: flexievorm die het aantal ‘twee’ inhoudt
Card 56
Question
Elisie
Answer
Definition: het wegvallen of weglaten van klanken, b.v. ’t is me wa’
Card 57
Question
Enclise
Answer
Definition: postpositie bv. van het lidwoord
Card 58
Question
Endoglossie
Answer
Definition: inheemse standaardtaal, gegroeid uit de dialecten
Card 59
Question
Epenthese
Answer
Definition: inlassing van één of meerdere klanken in een woord of samenstelling zonder dat daarvoor een etymologische reden is
Card 60
Question
Equivalence constraint
Answer
Definition: bij code-switching: het respecteren van de grammaticaliteitsnormen van beide talen
How to use this set
Read the preview and check whether the content and answers suit your learning goal. You can add the public set to your sets to study it. Your account shows the available actions.