Definition: theorie die taalveranderingen ziet als golven die zich over een gebied verspreiden: niet alle golven gaan dezelfde kant uit of komen even ver (alternatief voor het strakke stamboommodel)
Card 2
Question
Diftongering
Answer
Definition: de evolutie van een monoftong naar een tweeklank, vb. Lat. porta → Sp. puerta (tegenovergestelde van monoftongering)
Card 3
Question
Fricatief
Answer
Definition: klank waarbij de lucht met schurend of sissend geluid door een vernauwing van het mondkanaal gaat (vb /f/, /s/)
Card 4
Question
Definition
Answer
Definition: een pidgintaal die uitgegroeid is tot een moedertaal
Card 5
Question
Velarisatie
Answer
Definition: het velair worden
Card 6
Question
Syllabisch
Answer
Definition: schriftsysteem waarbij elk teken een lettergreep uitdrukt, hetzij een klinker, hetzij een combinatie van medeklinker + klinker, b.v. Myceens lineair B, spijkerschrift (Sumerisch, Hittitisch, Oudperzisch)
Card 7
Question
Experiencer
Answer
Definition: ervaarder
Card 8
Question
Ervaarder
Answer
Definition: entiteit die een emotionele toestand ondergaat (mens/dier)
Card 9
Question
Analytisch (vs synthetisch)
Answer
Definition: het weergeven van functies door perifrastische structuren (voorzetselconstructie vs casus)
Card 10
Question
Assimilatie
Answer
Definition: klankverandering waarbij klinkers of medeklinkers zich aanpassen aan klanken in hun omgeving, b.v. bakzeil uitgesproken als [bakseil] vs. zakdoek uitgesproken als [zagduk] (vs. dissimilatie)
Card 11
Question
Assibilatie
Answer
Definition: klankverandering waarbij een occlusief verandert in een affricaat of sibilant
Card 12
Question
Linguistic area
Answer
Definition: zie ook Sprachbund - geografisch gebied van 3 of meer talen die gemeenschappelijke structurele kenmerken vertonen die het resultaat zijn van intens taalcontact en niet veroorzaakt zijn door genetische verwantschap, b.v. de Balkantalen (Grieks, Albanees, Romani, Bulgaars, Macedonisch, Roemeens en Turks)
Card 13
Question
Epenthese
Answer
Definition: inlassing van één of meerdere klanken in een woord of samenstelling zonder dat daarvoor een etymologische reden is
Card 14
Question
Erfwoord
Answer
Definition: woord dat al in het oudste taalstadium aanwezig was (vs leenwoord)
Card 15
Question
Exoglossie
Answer
Definition: geïmporteerde standaardtaal
Card 16
Question
Stimulus
Answer
Definition: entiteit die een emotionele toestand veroorzaakt
Card 17
Question
Contactlinguïstiek
Answer
Definition: studie van taalcontact in al haar vormen
Card 18
Question
Diachronie
Answer
Definition: studie van taalstructuren door de tijd heen
Card 19
Question
Referent
Answer
Definition: de entiteit waarnaar door een vorm/woord verwezen wordt
Card 20
Question
Monoftongering
Answer
Definition: verandering van een diftong in een monoftong (tegenovergestelde van diftongering)
How to use this set
Read the preview and check whether the content and answers suit your learning goal. You can add the public set to your sets to study it. Your account shows the available actions.