Back to overview

Deutsch Fremdsprache - Starke Verben - EduKempen

das Präsens - das Präteritum - das Perfekt

Subject
Language / Dutch
Language of creation
German
116 flashcards No ratings yet 0 views
Add to my sets

Sign in to add this set to your collection. You will return here afterwards.

Cards in this set

Card 21

Question

vallen
hij viel
hij is gevallen

Answer

fallen
er fiel
er ist gefallen

Card 22

Question

vangen
hij ving
hij heeft gevangen

Answer

fangen
er fing
er hat gefangen

Card 23

Question

vinden
hij vond
hij heeft gevonden

Answer

finden
er fand
er hat gefunden

Card 24

Question

vliegen
hij vloog
hij gevlogen

Answer

fliegen
er flog
er ist geflogen

Card 25

Question

vluchten
hij vluchtte
hij is gevlucht

Answer

fliehen
er floh
er ist geflohen

Card 26

Question

eten
hij at
hij heeft gegeten

Answer

fressen
er frab
er hat gefressen

Card 27

Question

geven
hij gaf
hij heeft gegeven

Answer

geben
er gab
er hat gegeben

Card 28

Question

behagen | zinnen
hij behaagde
hij heeft behaagd

Answer

gefallen
es gefiel
es hat gefallen

Card 29

Question

gaan
hij ging
hij is gegaan

Answer

gehen
er ging
er ist gegangen

Card 30

Question

nemen
hij nam
hij heeft genomen

Answer

nehmen
er nahm
er hat genommen

Card 31

Question

raden
hij raadde
hij heeft geraden

Answer

raten
er riet
er hat geraten

Card 32

Question

wrijven
hij wreef
hij heeft gewreven

Answer

reiben
er rieb
er hat gerieben

Card 33

Question

rijten | rukken
hij reet
hij heeft gereten

Answer

reiben
er riss
er hat gerissen

Card 34

Question

rijden
hij reed
hij heeft gereden

Answer

reiten
er ritt
er ist geritten

Card 35

Question

ruiken
hij rook
hij heeft geroken

Answer

riechen
er roch
er hat gerochen

Card 36

Question

roepen
hij riep
hij heeft geroepen

Answer

rufen
er rief
er hat gerufen

Card 37

Question

drinken
hij dronk
hij heeft gedronken

Answer

saufen
er soff
er hat gesoffen

Card 38

Question

scheppen
hij schiep
hij heeft geschapen

Answer

schaffen
er schuf
er hat geschaffen

Card 39

Question

scheiden
hij scheidde
hij is gescheiden

Answer

scheiden
er schied
er hat geschieden

Card 40

Question

lijken
hij leek
hij heeft geleken

Answer

scheinen
er schien
er hat geschienen

How to use this set

Read the preview and check whether the content and answers suit your learning goal. You can add the public set to your sets to study it. Your account shows the available actions.

Rejoining the server...

Rejoin failed... trying again in seconds.

Failed to rejoin.
Please retry or reload the page.

The session has been paused by the server.

Failed to resume the session.
Please reload the page.